De Blauwrode Heerenclub (BRHC) heeft een nieuwe mijlpaal bereikt; meer dan 150 leden! Honderdeenenvijftig leden zelfs, dat was bij de oprichting, nu al meer dan twintig jaar geleden, onvoorstelbaar.
Wat is eigenlijk het geheim van het succes van de Heerenclub en daarbij de Zinkwegse Boys? En van het falen van zoveel andere verenigingen? Het antwoord is verbijsterend simpel: Betrokkenheid. Gewoon op z’n Hollands. Door de Heerenclub blijven veel oud-voetballers toch betrokken bij de club. En worden allemaal kleine sponsortjes, die allemaal meebeslissen over de bestemming van hun geld. Daardoor staat de Zinkweg zo sterk, want met één grote sponsor is een club uiterst kwetsbaar. Zo’n naar sigaren en drank stinkende vetklep, die altijd ook nog een zoontje heeft met de motoriek van een zwanger nijlpaard, dat dan ook met het eerste mee moet doen. Maar Pa Poen koopt gewoon wat echte voetballers om de onkunde van zoon te maskeren. Wanneer zoon dan eindelijk een keer zo geraakt is, dat hij gelukkig helemaal niet meer kan voetballen, stopt Pa Poen gelijk met doneren. En de boel stort in. Oorzaak: geen echte betrokkenheid. Van Pa Poen niet, van zoon Poen niet en van alle poenschoppertjes niet.
Veel verenigingen gaan in hun wanhoop dan zoeken naar fusiepartners. Laatst las ik het nog in het AD. Een voorzitter beweerde, dat er minder, maar grotere clubs moesten komen. (Mijn vader zei altijd al, dat de voorzitter van een voetbalclub vaak een nette domoor is, die als enige een driedelig pak in de kast heeft hangen…) De kleine clubjes hebben geen toekomst, beweerde deze domoor. Hij zag liever grote verenigingen, die ‘meer te bieden hebben’. Bedoelde hij zoals die enorm grote sportscholen, net hoerenkasten, waar je langsgaat, je geld neerlegt, een beetje vocht verliest, gaat douchen en weer snel in je auto springt, op weg naar moeder-de-vrouw? Wanneer zo’n tent afbrandt ligt er, behalve de uitbater, niemand wakker van, want dan gaan ze gewoon naar een ander bordeel. Geen greintje betrokkenheid.
Maar de Zinkweg dan? Een klein clubje dat groeit. Waar spelers van het eerste gewoon af en toe een wedstrijd van de jeugd fluiten. Daar zien we betrokkenheid. Bijna honderd vrijwilligers en nu al Honderdeneenenvijftig kleine sponsors in de BRHC. Nog wat sponsors daarbuiten, die vaak ook nog lid zijn van de BRHC. Want ze willen allemaal echt betrokken zijn bij de Zinkwegfamilie….