“Merde”, klinkt het vanuit de volière vlakbij de receptie van de camping. Het is een kaketoe, die de hele dag in het Frans zit te schelden. “Cochon!”, roept hij, wanneer ik voorbijloop. Het dier heeft een P(ost)T(raumatisch)S(tress)Syndroom door een nare scheiding van zijn vorige baasjes. Niemand maakt zich er nog druk om en we leren weer wat nieuwe Franse scheldwoorden.
Onze Engelse buren zijn de caravan aan het aankoppelen. Dat gaat ondanks alle technische snufjes niet echt voorspoedig. De enorme Range Rover beschikt over een achteruitrijcamara en de splinternieuwe caravan heeft een mover. (Een systeem, waarmee de caravan zelfstandig kan rijden) Terwijl de breedgesnorde Enegelsman zachtjes achteruitrijdt, al starend op zijn beeldschermpje, stuurt zijn grijze echtgenote, met haar tongetje uit haar mond, met een afstandsbediening de caravan zachtjes richting de trekhaak van de auto. Het gaat hopeloos mis: een luid gekraak van de bumper van de terreinwagen is het gevolg. De echtelieden blijven ondanks deze domper op de vakantievreugde uiterst rustig en doen of er niets gebeurd is. Op de achtergrond hoor je alleen het luide gelach van onze vriend de kaketoe…