Een krom staande kakkende teckel heeft wel iets van een halve Hema-worst: langwerpig en het laatste stukje buigt af naar beneden. Ik zat in de auto te wachten op mijn lief, die even een dameswinkel bezocht.
Het bazinnetje van onze laagpotige schijter had niets in de gaten, daar ze een, aan haar gezicht te zien, prettig gesprek voerde met haar mobiele telefoon. toen kwam er een oudere man de hoek om, die onze ontlastende viervoeter niet zag en een fikse tuimeling maakte. En bleef liggen. Ik maakte mijn veiligheidsriem los om te gaan helpen, maar was al te laat. Midden op de weg remde een auto met gierende banden, de alarmlichten gingen aan en er kwam een hulpsnor uit. Hij bleef rustig en haalde een hesje uit zijn kofferbak, waarop met grote letters: ‘BHV’ stond. Ook aan de andere kant kwam er iemand aangesneld, en die had een EHBO-hesje om de schouders. Dat kon leuk worden. De oude baas probeerde inmiddels op eigen kracht weer overeind te komen, maar werd omlaag geduwd door het bazinnetje van de teckel. “U moet vooral blijven liggen, wie weet, wat u allemaal gebroken heeft!” klonk het bezorgd. De man werd zachtjes maar overtuigend weer plat op de grond geduwd en kreeg niet de kans om tegen te spreken. Een derde voorbijgangster kwam naderbij gesneld met een tot kussen omgevouwen jas. Deze droeg een Rode-Kruis hes. Ik bleef maar een beetje op afstand, want de hulpverleners waren in een heftig competentiegesprek gewikkeld; ieder claimde het slachtoffer. De EHBO-er zei: “ik zag hem het eerst!”, de BHV-er zei: “Ik neem de leiding”, en wees de Rode Kruis-dame aan om 112 te bellen. Die trapte erin, dus was naar de tweede hulprang gedegradeerd. De EHBO-er zei tegen de BHV-er: “U kunt het beste uw auto even weg zetten, u blokkeert de hele weg, dan neem ik het hier van u over!” , maar onze hulpsnor liet zich niet van zijn slachtoffer wegsturen: “Gaat u nou maar even het verkeer regelen, dan doet u ook wat nuttigs in plaats van aan mijn hoofd te zeuren!” En met zachte stem tegen het slachtoffer: “Hoe heet u? en weet u wat er gebeurd is?” De oude baas probeerde weer omhoog te komen. “Blijft u maar rustig liggen, de ambulance is onderweg”
De EHBO-er liet zich niet commanderen en zei bits: “Wanneer u uw auto gewoon weghaalt, hoeft er geen eens verkeer geregeld te worden!” De stemming werd grimmig. Ondertussen had de oude baas al weer een paar keer getracht op te staan, maar hij werd beurtelings door de EHBO-er en de BHV-er weer omlaag gedrukt.
Toen kwam Elly terug uit de winkel met een of ander tasje. “Wat is hier aan de hand?” vroeg ze, terwijl ze instapte. “Die oude man is geteckeld door dat beest” zei ik, wijzend op het hondje. “Moet je niet gaan helpen?” vroeg mijn lief. “Nou, dat is volgens mij niet nodig, want ik heb het idee, dat die man hooguit wat blauwe plekken en een schaafwondje heeft, maar ik durf dat niet tegen die hesjes te zeggen”, zei ik en deed mijn gordel weer om. “Maar hij krijgt de kans niet om gewoon op te staan” Ik reed voorzichtig weg, want de auto van de BHV-er stond behoorlijk onhandig midden op straat. Terwijl ik wegreed, viel me op, dat de naast het slachtoffer zittende BHV-hulpsnor met zijn knie in de drol van de teckel zat. ‘Stank voor dank’, dacht ik en moest even inwendig lachen.