Het is al heel wat jaren geleden, nog in de vorige eeuw, dat op mijn massagebank Dirk, een grote marktkoopman met lage rugklachten, lag. Hij was aan een hernia geopereerd en revalideerde daarvoor bij ons in de praktijk. Gelukkig konden zijn kinderen zijn werk op de markt voor hem doen. Eigenlijk deden ze dat al een paar jaar en de zaken gingen goed. Dirk had de zaak al een paar jaar geleden aan zijn kroost overgedragen en was zelf in loondienst bij zijn spijkerbroeken-imperium gegaan. “Dat was achteraf gezien een slimme zet” zei hij, terwijl ik me in het zweet stond te masseren, “Want nu heb ik recht op een arbeidsongeschiktheidsuitkering”. “O?” zei ik, “Maar ben je geen groot-aandeelhouder meer dan?” “Nee, alles is overgedragen aan mijn kinderen”
Het was even stil. “Dus ik krijg nu een uitkering, al heeft dat best wat voeten in aarde gehad” Ik zweeg en werkte door. “Ik moest bij zo’n controledokter komen. Deze zag nog wel wat in me en stuurde me door naar een arbeidsdeskundige, zo’n jochie met een net pakkie en een brilletje” Ik had een beeld. Dirk ging verder: “Deze wijsneus keek in mijn papieren en vroeg hoe het met me ging. “Dat vroeg die dokter ook al”, zei ik. “Het gaat prima, maar zware pakken spijkerbroeken tillen en sjouwen kan ik niet meer, dus mijn huidige werk kan ik niet meer doen” De knul keek even op uit zijn papieren. “Jaja” mompelde hij.” Dirk was een echte marktkoopman; altijd vol verhalen en altijd goedgemutst. “Toen keek die krullenbol weer in zijn papieren en vroeg of omscholing misschien een idee voor me was. Omscholing! Op mijn 63e! Dus ik antwoordde, dat ik dat een uitstekend idee vond” Zijn buik begon te schudden van het lachen. “Wat zou u zelf het liefste willen doen, qua omscholing?” vroeg die kanjer. Ik aarzelde geen moment en zei: Tandarts!” Nu lag hij hardop te lachen op de massagebank, een prachtig gezicht; die schuddende buik. “Dat genie keek me aan, en weer op zijn papieren en zei toen: “Tandarts? Maar u bent 63 jaar oud, en de opleiding tot tandarts duurt zeker 4 jaar!” De patiĆ«nt lag nu echt helemaal te gieren. Ook ik kon er de humor wel van inzien. Dirk vervolgde: “Ik hoefde hem alleen maar aan te kijken, even te knipogen en te zeggen: “Hebbie ‘m?” De snotneus gaf het op en niet veel later kreeg ik bericht, dat ik was afgekeurd.”
Dirk’s behandeling was klaar en hij kwam zuchtend en steunend van de bank. “En wat doe je tegenwoordig?” vroeg ik, een beetje tegen beter weten in. “Op de markt staan met spijkerbroeken, natuurlijk. En af en toe wat spullen ophalen en wegbrengen voor mijn kinderen” zei hij. “Die markt zit in mijn bloed, dat krijg je er niet zomaar uit. Maar het zware tillen laat ik wel aan de kinderen over”