Een vriendin vertelde me laatst over de niet geheel volgens protocol verlopen begrafenis van haar broer.
Zoals bij veel families waren de onderlinge verhoudingen ietwat complex. Mijn vriendin Ineke kon goed met haar broer overweg, maar wat minder met diens echtgenote. Dat was een relatie waarbij in stripboeken ijspegeltjes aan de tekstwolkjes zouden hangen. De schoonzus had Ineke (en de broer en de zus van Ineke) liever niet bij de uitvaart gezien. Maar broer zelf stond erop, dus ze had het moeten beloven.
Dit om even de sfeer te schetsen.
De rouwdienst verliep zonder noemenswaardige incidenten. De kist werd vervolgens door acht mannen naar de laatste rustplaats van broer gedragen. Linksvoor de doodgraver, daarachter een broer van de ijskoningin daarachter twee collega’s en rechts een paar vrienden. De route naar het graf was niet geheel zonder hindernissen en in de stoet rouwenden achter de kist hield Ineke haar hart vast. Uiteindelijk bereikten ze het graf, alwaar de dragers halt hielden. Tenminste, dat was de bedoeling, maar de broer struikelde en liet de kist los, waardoor het gevaarte iets voorover neigde op de schouders van de doodgraver. De overledene zorgde nog voor wat extra gewicht op die arme man, doordat hij in de inmiddels vervaarlijk scheef hangende kist naar voren schoof. Het ging mis. De drager aan de andere kant kon het ook niet meer houden en de boel schoot omlaag. Gelukkig konden de andere dragers net voorkomen, dat de teraardebestelling zou gebeuren zonder de zegen van de dominee. De kist bleef hangen op de rand van de kuil. Maar de linksvoor drager was weg: hij was enige meters omlaag gestort en kroop in het graf verbouwereerd overeind met een bemodderd pak en gedeukte hoge hoed. Vier meter diep. Hij stond een beetje lullig omhoog te kijken naar de omstanders, die over het randje van de kuil verbaasd naar beneden keken. Het was duidelijk, dat hij zonder hulp niet uit de diepte zou kunnen herrijzen.
Er ontstond lichte paniek. De collega uitvaartverzorger dirigeerde iedereen uit de buurt van het ongelukkige voorval en vriendin Ineke ging met broer Ab naarstig op zoek naar een ladder voor de ongelukkige grafdelver. Ab mompelde nog iets van: “Wie een kuil graaft voor een ander…”, maar Ineke was niet echt in de stemming voor grafhumor.
Uiteindelijk werd de kraai uit zijn benarde positie bevrijd. De schade viel mee, alleen het bloemstuk van de ijskoningin, dat als enige op de kist had mogen liggen, was bij de noodlanding van de kist de kuil ingegleden en onherstelbaar beschadigd. Het werd wel weer op de kist gelegd, en symboliseerde eigenlijk heel goed een perfect mislukt huwelijk. En daar kon mijn vriendin dan toch een heel gemeen stiekem klein beetje om gniffelen.
Ineke heeft later nog gebeld met de begrafenisonderneming om te informeren hoe het ging met de gevallen doodgraver. Het ging goed met hem, hij had er behalve de blamage geen blijvende schade aan overgehouden.