Ik denk niet, dat ik ooit nog zal meemaken, dat het op 13 oktober 25 graden en zonnig is, Nederland met 3-0 van Duitsland wint en mijn Zinkwegse Boys ‘op Goudswaard’ 3 punten binnenhaalt. Uitgesloten. Gisteren was uniek. De stemming voor de wedstrijd in Goudswaard was al uitzonderlijk goed. Vos was er, Daan en Tineke, de Mop moest vlaggen (wat hij trouwens prima deed) en good-old Adrie Vink werd een beetje geplaagd, waar hij, zoals altijd, quasi-boos op reageerde. (Al lachend) Het was net of er ‘op Goudswaard’ meer Zinkweggers dan Goudswaarders waren. Waarbij opgemerkt, dat de gastvrijheid van Goudswaard zeker meehielp aan de sfeer. Veel bekenden schudden elkaar de hand.
Ik volgde de wedstrijd vanaf een zitbalk langs het veld. Het deed een beetje denken aan een kerkbank, maar dat is in Goudswaard wellicht niet vreemd. Naast me zaten, behalve mijn Elly en vriendin Tineke, een deel van het gezin Reedijk. Zoon Tim kon net over het reclamebord kijken. Het mannetje zat met open mond te kijken naar de keeper van Goudswaard, die met een uittrap zowat het andere strafschopgebied bereikte. “Zooo!”, riep hij uit, “Die kan ver schieten!!” Hij was vol bewondering. “Ik kan niet zo hard schieten”, zei hij vervolgens, een beetje triest. Zijn moeder aaide even over zijn bol en zei: “Maar jij bent heel snel. Vanmorgen heb jij de tegenstanders helemaal gek gemaakt, omdat je constant in de weg liep, en ze je steeds weer tegenkwamen.” Hij glom. “Je bent gewoon nog niet zo sterk in je benen, maar je traint zo goed, dat dat vanzelf goed komt.” Het glimmen hield aan. Ik zat te smelten op de balk. Toen even later Mike de bal uit een vrije trap schitterend in de verste hoek krulde, kon mijn dag eigenlijk al niet meer stuk. Zelfs niet als Nederland had verloren.