Die kleine van Boekee

We waren gisteren vroeg bij ’s Gravendeel voor de ‘streekderby’. Terwijl ik de verzorgerstas neerzette (Leo was een weekje weg) zag ik blauw-rode mannetjes en vrouwtjes voetballen op een half veld met kleine doeltjes. “Is dat een team van de Zinkwegse boys?” vroeg ik aan Sjaak, die naast me meegelopen was. Er zijn namelijk meer clubs, die in het blauwrood spelen. Sjaak twijfelde even en zei toen “Ja, want daar achterin loopt die kleine van Boekee” Die ‘kleine van Boekee’ bleek een meisje, dat met wapperende haartjes achter een seutertje (seuter=bijnaam voor ’s Gravendeler dan hoef ik niet steeds die ’s te typen) aanrende en hem succesvol de bal ontfutselde. Mijn aandacht was getrokken. Boekeetje gaf vervolgens een opvallend goede pass en er volgde na een prima combinatie een doelpunt voor ons Jo11-1 team. (vroeger heette dat nog gewoon E-tjes) Ik vroeg me af welke trainer die gastjes zo goed had leren voetballen!
Ik stond in het zonnetje te genieten van de wedstrijd en alles eromheen. Er werd niet negatief geschreeuwd door ouders, er werd door de kinderen zelf gewoon sportief en goed gevoetbald. Aan beide zijden. Een seutertje scoorde een prachtig doelpunt. Ik applaudisseerde, net als een wat oudere man naast me. “Mijn kleinzoon” glom hij. Even later scoorde een Zinkweggertje ook prachtig. Ik applaudisseerde weer. Opa keek opzij, glimlachte en klapte gewoon mee. We genoten allebei van deze ‘voorwedstrijd’ voor de wedstrijd van ’s Gravendeel tegen onze Boys.
Na de voor-wedstrijd aten alle voetballertjes gezamenlijk frietjes en gaven een geweldig voorbeeld voor de ‘grote jongens’. Daarna mochten ze als in een Champions League wedstrijd hand in hand met een grote voetballer het veld oplopen. Een feest.
De wedstrijd van de ‘grote jongens’ verliep gunstig voor onze boys. Alsof ze gekeken hadden naar de ‘groten van de toekomst’. Geen gezeur, goed voetballen en met respect voor elkaar.
Na de wedstrijd zaten Seuters en Zinkweggers naast elkaar in het zonnetje op de grond met hun rug tegen de muur van de kleedkamers. Roberto, onze elftalleider, kwam langs met een kratje bier en gaf ook een biertje aan een paar Seuters. Zoals de ‘kleintjes’ samen patatjes aten, dronken de ‘groten’ samen een biertje.
‘Sport verbroedert toch nog steeds’, dacht ik en mijn dag kon niet meer stuk.